Home » Inspiratie » Huisdieren plezieren » 10 tips om meer dieren naar je tuin te lokken

10 tips om meer dieren naar je tuin te lokken

Een groene tuin om in te vertoeven is natuurlijk zalig, maar nog leuker is het om er leven in te zien! Behalve de planten die er groeien, deel je de tuin met allerlei andere diertjes die er hun thuis van hebben gemaakt.  Deze zorgen voor de bestuiving en vruchtzetting en tal van andere nuttige zaken. Hoe zorg je er dan voor dat er meer ‘gasten’ in je tuin komen wonen? Volg onze 10 tips voor een levendige fauna en flora in jouw tuin!

 

1. Bloeiende lokkers

Bepaalde bloeiende planten trekken insecten zoals hommels, vlinders en bijen aan. Denk maar aan prachtige paarse Verbena of de heester Buddleja (vlinderstruik) waar vlinders dol op zijn. De reden hiervan is dat de Buddleja bloemkoppen heeft die alleen door vlinders bestoven kunnen worden. Salvia of lavendel zijn populaire bloeiers bij bijen en hommels. Ook kruidenplantjes trekken insecten aan, maar let op: sommige kruiden weren insecten juist af!

2. Etenstijd

Een goed voorziene voedertafel in je tuin is een prima vogelmagneet. Vogels zorgen voor muzikaal plezier in de tuin en zullen eens de tijd aanbreekt nesten maken in je tuin. Vogels voederen kan en mag het hele jaar door, in de winter wordt het soms zelfs noodzakelijk.

3. Waterparadijs

Vogels kunnen drinken wanneer ze dorstig zijn of pootje baden in een waterschaal. Let er op dat je wanneer de winter aanbreekt de schaal niet te diep vult met water, om badderen tijdens vorstperiodes te vermijden.

4. Ecologische tuinvijver

Bij water is altijd van alles te zien: kikkers, libellen en waterjuffers of zwemmende bootsmannetjes en schaatsenrijders. Allemaal komen ze naar een zwem- of drinkbadje. Een kleine tuinvijver is een oase van leven.  Gebruik hiervoor bijvoorbeeld regenwater dat je hebt opgevangen. Je plaatst je vijver of zelfgemaakte teil met water best in de halfschaduw, teveel zon zorgt voor algenbloei. Drijfplanten leg je gewoon op het wateroppervlak, deze zorgen voor wat schaduw.

5. Verstopplaats

Stapel een hoop takken op elkaar in een hoek van de tuin voor een ideale schuilplaats voor schuwe dieren zoals egels. Ook in de winter zoeken padden hier een huisje in. Let er wel op, zo’n ‘takkenmuur’ kan mogelijk ook aantrekkelijk zijn voor ratten, deze dieren lok je liever niet naar je tuin.

6. Hoe groener hoe liever

Dieren houden van natuur! Gebruik dus zo min mogelijk tegels of bestrating in je tuin en beperk u tot het aanleggen van tuinpadjes of een patio. Hoe meer groen ‘tapijt’ in de tuin, hoe liever de diertjes het hebben!

7. Zandbak

Raar maar waar, maar wist je dat mussen ook graag badderen in zand? Mussen houden van een zandbad om hun veren in goede conditie te houden, op deze manier verwijderen ze parasieten. Vul een schaal met zand en zet deze op een verhoging, ver uit bereik van huiskatten.

8. Laten liggen!

In het najaar vallen er bladeren en plantresten op de grond, dit alles vormt een bron van voedsel voor vogels, kikkers en padden. Een egel heeft voor zijn winterslaap een berg bladeren nodig en dit vind hij in je tuin. Insecten kunnen op hun beurt weer overwinteren in holle stengels van planten. Zelfs in afgestorven bloemenkoppen kunnen nog zaden aanwezig zijn waar vogels van kunnen smullen in de winter!

9. Beschutting

Dieren en insecten hebben schuilplaatsen nodig, net zoals in de wilde natuur. Plant veel struikgewas en klimplanten in je tuin zoals klimop, klimhortensia of meidoorn. Insecten zullen er een plaatsje vinden en dat trekt dan weer vogels aan.

10.  Bestrijd met mate

Wanneer er genoeg insectjes en andere dieren in je tuin leven, spreken we van een ecologisch evenwicht. Het mooie aan de natuur is dat elk voor het ander zorgt. Wanneer je bijvoorbeeld last krijgt van een slakkenplaag die al je planten kapot eten, informeer je dan van tevoren goed over wat voor soort biologische bestrijdingsmiddelen er bestaan. Je zou niet willen dat dit andere diertjes kan aantasten, waardoor je tuin uit zijn ecologische balans valt. Goed lezen is de boodschap.